Naar hoofdinhoud
1.. Er wordt zo vroeg mogelijk, zodra het tracé en het uitvoeringstijdstip) bekend zijn, met de procedure voor naamgeving voor een object en/of de openbare ruimte begonnen. 2.. De commissie zal zo spoedig mogelijk het college adviseren over de naamgeving voor een object en/of de openbare ruimte. 3.. Bij naamgeving voor objecten en/of de openbare ruimte wordt met het volgende rekening gehouden: Levende personen worden niet vernoemd, tenzij zij in de eerste lijn lid zijn van het Koninklijk Huis; straten worden in samenhang per groep benoemd; doorlopende straten krijgen dezelfde naam, ook wanneer de straat in meerdere woonplaatsen is gelegen, ongeacht onderbreking door een andere weg, waterweg of spoorlijn; bij voorkeur korte naamgeving; namen die verwarring kunnen geven met reeds in de gemeente bestaande namen worden vermeden; namen die spellingsproblemen kunnen geven, worden zoveel mogelijk vermeden; namen voor fietspaden eindigen in ieder geval op pad; de woorden “de” en “het” worden zoveel mogelijk vermeden. 4.. Het college en de Straatnaamcommissie zijn bevoegd andere uitgangspunten voor het bepalen van naamgeving te hanteren dan genoemd in het derde lid, indien hiervoor een gegronde reden is.

Rechtspraak bij dit artikel