Het college informeert de raad door middel van tussentijdse rapportages in ieder geval twee maal per jaar over de realisatie van de begroting van de gemeente van het lopende boekjaar.
De tussenrapportages bevatten een uiteenzetting over de uitvoering en het bijstellen van het beleid en indien nodig een overzicht met de bijgestelde raming van:
de baten en de lasten per programma uitgesplitst naar activiteitengroepen;
de algemene dekkingsmiddelen uitgesplitst naar activiteitengroepen;
de overhead en de geraamde vennootschapsbelasting;
het totale saldo van de baten en lasten volgend uit de onderdelen a, b en c;
de (beoogde) toevoegingen en onttrekkingen aan reserves per programma;
het resultaat, volgend uit de onderdelen d en e;
de realisatie en raming van de uitputting van de investeringskredieten.
3. In de tussenrapportages worden relevante afwijkingen op de oorspronkelijke ramingen van de baten en lasten en van investeringskredieten toegelicht.