Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Subsidieregeling Cultuureducatie en Muziekonderwijs 2020

In deze regeling wordt verstaan onder: Muziekonderwijs: erkende muziekopleidingen die voldoen aan de richtlijnen en kwaliteitseisen voor instrumentale muziekopleidingen (KunstKeur), of zoals onder meer vastgelegd in het ‘Raamleerplan voor de HaFaBra-sector’, alsmede daarmee naar inhoud en kwaliteit vergelijkbare opleidingen voor niet-HaFaBra muziekinstrumenten (zoals gitaar, piano, viool, e.d.); Cultuureducatie: cultuureducatie wordt in de praktijk gehanteerd als verzamelbegrip voor kunsteducatie, erfgoededucatie en media-educatie, waarbij cultuur als doel en als middel wordt ingezet; Actieve cultuureducatie: vorm van cultuureducatie, waarbij leerlingen zelf een kunstdiscipline beoefenen, zoals dans, drama, schilderen of zingen. Zij leren zich kunstzinnig uitdrukken, maar leren ook technieken en materialen kennen; Receptieve cultuureducatie: vorm van cultuureducatie, waarbij leerlingen kijken of luisteren naar professionele kunstproducten zoals een theatervoorstelling, concert of tentoonstelling. Ze leren kenmerken, stijlen en stromingen herkennen; Reflectieve cultuureducatie: leerlingen ‘beschouwen’ kunstproducten, zij denken, lezen, praten erover en wisselen van gedachten met elkaar. Bij zowel actieve als receptieve kunstbeoefening kan reflectie plaatsvinden. Reflectie op de kunstervaring, het eigen productieproces en de analyse hiervan vormen de essentie van kunsteducatie; Cultuurparticipatie: het actief deelnemen aan het culturele leven in de vrije tijd; Kunstdisciplines: architectuur, beeldende kunst, dans, film & video, audiovisueel, fotografie, muziek, theater, toegepaste kunst en vormgeving, (wereld)literatuur, etc.; Gekwalificeerde docenten: docenten waarvan de kwalificatie voor het geven van les blijkt uit het feit dat ze succesvol de eerste opleidingsfase (bachelor) van het conservatorium of andere kunstvakopleiding hebben afgerond, dan wel dat ze beschikken over een daarmee gelijk te stellen kwalificatie op tenminste HBO werk- en denkniveau; Eigen bijdrage: Het percentage van de kosten voor het muziekonderwijs dat de aanbieder (muziekvereniging, muziekschool of instelling) zelf draagt, bijvoorbeeld door middel van een lesgeldbijdrage van de leerlingen zelf; Groep: een groep bestaat uit 8-10 deelnemende kinderen; Klas: een groep van 10 of meer.

Rechtspraak bij dit artikel