Naar hoofdinhoud
Het Bor is een Algemene maatregel van bestuur op grond van de Wabo. De algemene voorschriften over de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit worden geregeld in hoofdstuk 4 van het Bor. In het Bor is o.a. bepaald dat de gegevens en bescheiden moeten worden aangeleverd die genoemd staan in de Mor. In het Bor is onder andere vastgelegd: voor welke activiteiten een Omgevingsvergunning ('toestemming Wabo') verplicht is (hoofdstuk 2); wie bevoegd gezag is voor een Omgevingsvergunning (hoofdstuk 3); algemene voorschriften over de aanvraag Omgevingsvergunning (hoofdstuk 4); voorschriften over de inhoud van de Omgevingsvergunning (hoofdstuk 5); de verlenings- en weigeringsgronden voor de Omgevingsvergunning beperkte milieutoets (§ 5.2.2a); aanwijzing van gevallen waarin het bevoegd gezag andere bestuursorganen bij een besluit moet betrekken. Denk onder andere aan advies, de verklaring van geen bedenkingen en het toezenden van bepaalde stukken (hoofdstuk 6); bepalingen over de organisatie van de handhaving (hoofdstuk 7). Vergunningvrij bouwen Bijlage II van het Bor regelt het vergunningvrije bouwen. Omdat het Bouwbesluit 2012 rechtstreeks werkend is, betekent dat dat de veiligheids- en hinderbepalingen uit hoofdstuk 8 ook van toepassing zijn als de werkzaamheden ingevolge het Bor vergunningvrij zijn. Ook in die gevallen kan een ontheffing (zie paragraaf 3.7) van het bevoegd gezag vereist zijn.

Rechtspraak bij dit artikel