Naar hoofdinhoud
De uitoefening van de bevoegdheden krachtens mandaat, volmacht of machtiging geschiedt binnen de grenzen en met inachtneming van het ter zake geldende recht, specifiek met inachtneming van artikel 10:3 Algemene wet bestuursrecht, het bepaalde bij of krachtens de Wet en de bij of krachtens wettelijke regelingen door de raad en het college van de gemeente Leidschendam-Voorburg vastgestelde verordeningen, richtlijnen en beleidsregels, evenals gemaakte financiële afspraken die gelden voor de uitoefening van de desbetreffende taak. De uitoefening van de bevoegdheden krachtens mandaat, volmacht of machtiging geschiedt met inachtneming van het bepaalde in het Convenant. De ge(vol)machtigde/gemandateerde neemt de algemene, dan wel specifieke instructies van de burgemeester, respectievelijk het college in acht. Het college zorgt ervoor dat de ge(vol)machtigde/gemandateerde over de informatie beschikt die noodzakelijk is voor een correcte uitoefening van de krachtens mandaat, volmacht of machtiging uitgeoefende bevoegdheden. De ge(vol)machtigde/gemandateerde zorgt ervoor dat de personen aan wie hij ondermandaat, ondervolmacht of ondermachtiging verleent eveneens kunnen beschikken over de informatie, bedoeld in de eerste volzin. Het college treedt bij voorgenomen nieuw beleid of beleidswijzigingen in overleg met de ge(vol)machtigde/gemandateerde over uitvoeringsaspecten indien dat beleid raakt aan de taken en bevoegdheden die het door de ge(vol)machtigde/gemandateerde worden uitgevoerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel