Naar hoofdinhoud
De eindverantwoordelijkheid voor de organisatie is neergelegd bij de gemeentesecretaris / algemeen directeur, die samen met de directeur bedrijfsvoering verantwoordelijk is voor de algemene aansturing van de organisatie. De continuïteit van bezetting op directieniveau kan worden gewaarborgd door het inzetten van de door het college benoemde locosecretarissen. Beide directeuren zijn formeel opdrachtgever voor de integraal verantwoordelijke afdelingshoofden. De directie en de afdelingshoofden leggen jaarlijks afspraken vast in een jaarplan. Een afdelingshoofd stuurt ook altijd een team aan. Voor de aansturing van de afdeling kan, naast het afdelingshoofd, worden gekozen voor één of meer teamleiders. De directie is verantwoordelijk voor het coachen en aansturen van de afdelingshoofden, de afdelingshoofden doen dat voor de teamleiders. Vervanging tussen afdelingshoofden en teamleiders doen we zoveel als mogelijk verticaal (er is wel altijd collegiale backup van een collega-afdelingshoofd als dat nodig is). In de verbijzondering van het functieprofiel (zie bijlage 2) naar wat we qua competenties en gedrag verwachten van leidinggevenden (directie, afdelingshoofden en teamleiders) maken we het volgende onderscheid: Directie: meer strategisch niveau; Afdelingshoofd: meer strategisch / tactisch niveau; Teamleider: meer tactisch / operationeel niveau. Management en medewerkers kunnen worden benoemd als intern opdrachtgever voor programma’s, processen of projecten. In de opdrachtverstrekking kunnen afspraken worden vastgelegd over budgetten en bevoegdheden. Medewerkers kunnen ook functionele aansturing voor hun rekening te nemen (inherent aan de functie of in overleg met de leidinggevende).

Rechtspraak bij dit artikel