In deze verordening wordt verstaan onder:
a. Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers: het Koninklijk Besluit van 15 oktober 2018, Staatsblad, jaargang 2018, 386;
b. Regeling decentrale politieke ambtsdragers: de ministeriële regeling van 16 november 2018, nr. 2018-0000893805, Staatscourant 23 november 2018;
c. Reisbesluit binnenland: het Koninklijk Besluit van 1 maart 1993, Staatsblad 144;
d. Reisregeling binnenland: het besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken van 16 maart 1993, nr. AB93/U280, Staatscourant 56;
e. Reisbesluit buitenland: het Koninklijk Besluit van 29 juli 1994, Staatsblad 218;
f. Reisregeling buitenland: het besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken van 12 september 1994, Staatscourant 181;
g. Raadslid: lid van de gemeenteraad;
h. Griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet;
i. Gemeentesecretaris: de secretaris, bedoeld in artikel 102 van de Gemeentewet;
j. Commissie: commissie, bedoeld in hoofdstuk V van de Gemeentewet.
k. Commissielid: lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet ingesteld door de raad, dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd.
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van VERORDENING RECHTSPOSITIE RAADS- EN COMMISSIELEDEN GEMEENTE BRUMMEN 2019