**1..** De raad kan omtrent in het in de vergadering behandelde en omtrent de inhoud van de stukken, die aan haar zijn of worden voorgelegd, geheimhouding opleggen.
**2..** De ingevolge van het hieraan voorafgaande lid opgelegde geheimhouding wordt zowel door degenen die bij de behandeling tegenwoordig waren alsmede door hen, die op andere wijze van het behandelde en van de stukken kennis nemen, in acht genomen, totdat de raad de geheimhouding opheft.
**3..** De voorzitter kan omtrent de inhoud van stukken in het voorafgaande lid, voorlopige geheimhouding opleggen. De verplichting tot voorlopige geheimhouding vervalt, indien zij niet in de eerstvolgende vergadering, waarin meer dan de helft van de zittende leden tegenwoordig is, door de raad wordt bekrachtigd.
**4..** Alle uitgebrachte adviezen zijn openbaar.
Artikel 12
Geheimhouding van stukken
Onderdeel van Verordening, regelende de instelling, taak, bevoegdheden, samenstelling en werkwijze van de Zeeuwse Programmaraad