Ambtshalve kan worden afgezien van terugvordering indien het nog terug te vorderen bedrag, of het restant daarvan, na verrekening van eventueel beschikbare tegoeden, minder bedraagt dan €50,00, gerekend over een periode van 12 aaneensluitende maanden tenzij het een vordering betreft op grond van artikel 58, eerste lid, van de wet, op grond van artikel 25, eerste lid van de IOAW/IOAZ.
Paragraaf 3
Artikel 10