**a..** Algemene wet: de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Stb. 1959, 301);
**b..** Invorderingswet: de Invorderingswet 1990 (Stb. 1990, 221);
**c..** opschrift: openbare aankondiging in letters,symbolen of kleuren, of een combinatie daarvan, voor zover niet door middel van tijdschriften of nieuwsbladen gedaan;
**d..** reclameobject: een openbare aankondiging zichtbaar vanaf de openbare weg;
**e..** vervallen;
**f..** vervallen;
**g..** bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, welke op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij directe of indirecte steun vindt in of op de grond;
**h..** lichaam: elk van de lichamen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b van de Algemene wet;
**i..** tussenpersoon: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die zijn bedrijf maakt van het verlenen van bemiddeling bij het tot stand brengen en het sluiten van overeenkomsten in opdracht en op naam van personen tot wie hij niet in vaste betrekking staat;
**j..** exploitant: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die zijn bedrijf maakt van het ten behoeve van derden tegen vergoeding aanbrengen van reclameobjecten op door hem daartoe beschikbaar gestelde oppervlakken;
**k..** dag: een periode van 24 achtereenvolgende uren, aanvangende te 0.00 uur;
**l..** week: een kalenderweek;
**m..** maand: een kalendermaand;
**n..** jaar: een kalenderjaar.
Artikel 1