Indien de overledene een woonruimte huurde, gaat de gemeente, indien nodig, over tot de volgende beheersmaatregelen:
de verhuurder evenals de nutsbedrijven in kennis stellen van het overlijden;
eventuele huisdieren naar het asiel brengen;
bederfelijke waren verwijderen;
bij ernstige vervuiling van de woning spoort de gemeente de eigenaar van de woning aan direct de woning schoon te maken. Indien niemand daartoe opdracht verleent en de publieke gezondheid of veiligheid in het geding is, geeft de burgemeester opdracht voor het schoonmaken van de woning;
indien nodig waardevolle bezittingen, niet zijnde de huisraad, van de overledene veiligstellen en indien nodig opslaan en beheren gedurende een termijn van drie maanden.
Indien de overledene een eigen woning bezat, gaat de gemeente, indien nodig, over tot de volgende beheersmaatregelen:
afsluiten nutsvoorziening, cv-ketel e.d.;
nutsbedrijven in kennis stellen van het overlijden;
sluiten ramen en deuren;
eventueel vervangen van sloten na openbreking;
bederfelijke waren verwijderen;
bij ernstige vervuiling opdracht geven tot schoonmaak van de woning;
eventuele huisdieren naar het asiel brengen;
indien nodig waardevolle bezittingen, niet zijnde de huisraad, van de overledene veiligstellen en indien nodig opslaan en beheren gedurende een termijn van drie maanden.