In deze verordening wordt verstaan onder:
ambtelijke bijstand: bijstand, verleend door onder het gezag van het college werkzame ambtenaren;
bijstand: ondersteuning bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of andere ondersteuning niet zijnde een verzoek om informatie;
secretaris: de secretaris als bedoeld in artikel 100 van de Gemeentewet;
presidium: het dagelijks bestuur van de raad, bestaande uit de voorzitter van de raad, de eerst plaatsvervangend voorzitter, de fractievoorzitters of hun plaatsvervangers, de gemeentesecretaris en de griffier.