Naar hoofdinhoud
1.. Het doel van de auditcommissie is het versterken van de controlerende taak van de raad. Met een auditcommissie wordt de raad intensief en structureel geadviseerd in zijn kaderstellende taken (aan de voorkant van het proces) en controlerende taken (toezicht op interne beheersing, bedrijfsvoering, financiële verslaglegging en accountantscontrole). 2.. De auditcommissie (artikel 84 Gemeentewet) ondersteunt en adviseert de raad vanuit financieel-technisch perspectief en is apolitiek. 3.. De auditcommissie is belast met de advisering aan en overleg namens de raad over: voorbereiden, selecteren, adviseren over benoeming accountant; evalueren van het functioneren van de accountant; eerste aanspreekpunt voor de accountant richting de raad over de opzet en uitvoering van de accountantscontrole; het voeren van pre-audit gesprekken en adviseren van de gemeenteraad over de opdracht aan de accountant; de jaarlijkse voorbereiding van het door de raad vast te stellen controleprotocol voor de accountantscontrole; het voeren van technisch overleg met de accountant over de jaarrekening en het rapport van bevindingen naar aanleiding van de jaarrekeningcontrole; het adviseren van de raad over de wijze van behandeling van de rapportages van de accountant; het adviseren van de raad over het jaarverslag en de programmajaarrekening, mede aan de hand van de accountantsverklaring en het accountantsverslag. Op vaste momenten in het jaar adviseert de auditcommissie de raad over de stukken die betrekking hebben op de controle van de financiële organisatie: Het controleprotocol (najaar). Hierin worden de afspraken vastgelegd met de accountant over de controle van het boekjaar. De bestuursrapportages (september en november). Deze rapportages informeren de raad over belangrijke afwijkingen van de begrotingsafspraken; De jaarrekening (vast te stellen voor 15 juli van elk jaar), mede aan de hand van het accountantsrapport. De rekening geeft antwoord op de vraag of de begrotingsafspraken zijn nagekomen. gevraagd en ongevraagd adviseren over verbetering van de planning en control. Toezicht houden op de kwaliteit van de financiële rapportages; het adviseren van de raad over de uitvoering en de aanpassingen van de verordeningen gebaseerd op de artikelen 212 en 213 en 213a Gemeentewet; onderhoudt contact met de ingestelde Rekenkamercommissie en dient indien nodig als afstemmingsplatform over voorgenomen onderzoeken van Rekenkamercommissie; het bespreken van onderzoeken van de Rekenkamercommissie en het opstellen van een advies aan de raad over de afhandeling van het onderzoek; het voeren van afstemmingsoverleg over voorgenomen onderzoeken van de accountant en het college; het adviseren van de raad over de verantwoording van de bijdragen fractieondersteuning. 4.. De auditcommissie treedt niet in de onderscheiden bevoegdheden van raad en college en heeft dus geen besluitvormende bevoegdheden. 5.. De auditcommissie heeft geen directe opdracht gevende rol naar de externe accountant, andere onderzoeksbureaus of de gemeentelijke organisatie.

Rechtspraak bij dit artikel