**1..** De ouderbijdrage als bedoeld in artikel 7 wordt als volgt bepaald:
Ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag en zonder VVE-indicatie betalen voor peuteropvang voor maximaal 8 uur per week (320 uur per jaar) een inkomensafhankelijke bijdrage, tot maximaal het normtarief kinderopvang.
Ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag en met een kind met VVE-indicatie betalen voor peuteropvang voor maximaal 8 uur per week (320 uur per jaar) een inkomensafhankelijke bijdrage tot maximaal het normtarief kinderopvang. Voor de overige uren voorschoolse educatie tot totaal maximaal 8 uur extra per week (320 uur per jaar), wordt geen ouderbijdrage in rekening gebracht.
Ouders met recht op kinderopvangtoeslag en zonder VVE-indicatie betalen voor peuteropvang voor maximaal 8 uur per week (320 uur per jaar) het normtarief kinderopvang.
Ouders met recht op kinderopvangtoeslag en met een kind met VVE-indicatie betalen voor peuteropvang voor maximaal 8 uur per week (320 uur per jaar) het normtarief kinderopvang. Voor de overige uren voorschoolse educatie, tot totaal maximaal 8 uur extra per week (320 uur per jaar) wordt geen ouderbijdrage in rekening gebracht.
**2..** De aanvrager is verantwoordelijk voor de verzameling van gegevens waaruit blijkt dat de ouder(s) in aanmerking komen voor de gemeentelijke regeling.
**3..** De ouderbijdrage is inkomensafhankelijk. Voor de berekening wordt de VNG-tabel gehanteerd. Deze is afgeleid van de tabel kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst.
**4..** De ouderbijdrage wordt per maand in rekening gebracht. Voor ouders die een deel van een jaar gebruik maken van de voorziening wordt de maandelijkse bijdrage berekend op het aantal dagdelen dat contractueel is vastgelegd in de betreffende periode. Deze werkwijze komt overeen met de werkwijze die aanbieders voor toeslagouders hanteren.