**1.** Aanbodsysteem: het selecteren van een kandidaat uit de ingekomen reacties van woningzoekenden op een in een advertentiemedium ter toewijzing aangeboden woonruimte.
**2.** Advertentiemedium: een uitgave per gemeente dan wel een groep van gemeenten waarin ter toewijzing beschikbare woonruimten in de regio worden aangeboden.
**3.** Aftoppingsgrens: de grens als bedoeld in artikel 20, sub 2 van de Wet op de Huurtoeslag.
**4.** Bemiddeling: het selecteren van een kandidaat voor ter verdeling beschikbare woonruimte op grond van diens inschrijvingsgegevens.
**5.** Bereidverklaring: schriftelijke verklaring van de eigenaar, dat hij bereid is woonruimte aan de aanvrager van de huisvestingsvergunning in gebruik te geven.
**6.** Besluit: het Huisvestingsbesluit.
**7.** Burgemeester en wethouders: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente.
**8.** Convenant: een tussen burgemeester en wethouders en (een) woningcorporatie(s) te sluiten overeenkomst over het in gebruik geven van woonruimte.
**9.** Datum van eerste bewoning: de datum vanaf wanneer een woningzoekende de huidige woonruimte onafgebroken en zelfstandig bewoont. Dit dient te blijken uit een uittreksel van de gemeentelijke basisadministratie.
**10.** Doorstromer: een woningzoekende die als hoofdhuurder daadwerkelijk en rechtmatig in de regio een zelfstandige huurwoning bewoont en na verhuizing leeg achterlaat. De maandhuur mag bij inschrijving niet meer bedragen dan de maximale huurprijsgrens als bedoeld in lid 17 van artikel 1.1.
**11.** Echte dienstwoning: een woning die noodzakelijkerwijs gebruikt wordt met het oog op de arbeidsovereenkomst.
**12.** Economische binding: de binding van een persoon aan de provincie, daarin gelegen dat die persoon, met het oog op de voorziening in het bestaan, een redelijk belang heeft zich in de provincie te vestigen, met dien verstande dat een economische binding in elk geval wordt aangenomen ten aanzien van die personen die voor de voorziening in het bestaan zijn aangewezen op het duurzaam verrichten van arbeid binnen of vanuit een van de gemeenten uit de provincie.
**13.** Eigenaar: degene die bevoegd is tot het in gebruik geven van een woonruimte of een gebouw.
**14.** Huishouden: een alleenstaande, of twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren of willen gaan voeren.
**15.** Huisvestingsvergunning: een vergunning als bedoeld in artikel 7, eerste lid van de Huisvestingswet.
**16.** Huurprijs: de prijs die bij huur en verhuur is verschuldigd voor het enkele gebruik van een woonruimte, uitgedrukt in een bedrag per maand, dan wel, indien het betreft een woonwagenstandplaats waarvoor een belastingverordening van toepassing is, het bedrag dat is verschuldigd voor het innemen van die standplaats, uitgedrukt in een bedrag per maand.
**17.** Huurprijsgrens: het bedrag dat wordt genoemd in artikel 13, eerste lid onder a, van de Wet op de Huurtoeslag.
**18.** Ingezetene: degene die in de gemeentelijke basisadministratie (GBA) van één van de gemeenten in de regio is opgenomen en daar tenminste één jaar feitelijk hoofdverblijf heeft in een woonruimte, die volgens het bestemmingsplan is aangewezen of bestemd voor permanente bewoning.
**19.** Inkomen: het rekeninkomen zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet op de Huurtoeslag.
**20.** Inwoning: het bewonen van een woonruimte welke deel uitmaakt van een woonruimte die door een ander huishouden in gebruik is genomen.
**21.** Kamer: elke afzonderlijke ruimte in een woning geschikt voor woon- en slaapruimte met een oppervlakte van tenminste 5 m2.
**22.** Koopprijs: de prijs die voor de enkele koop van een woonruimte daadwerkelijk is of zal worden betaald.
**23.** Koopprijsgrens: Het meest recente bedrag dat Gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht heeft vastgesteld voor woningen waarvoor een huisvestingsvergunning is vereist (€ 181.512,- prijspeil 1 juli 2006).
**24.** Koopwoning: een woonruimte die bestemd is voor de verkoop en die niet eerder werd bewoond, of laatstelijk door de rechtsvoorganger van de koper als eigenaar is bewoond.
**25.** Lokaal Maatwerk: een overeenkomst die in de plaats kan treden van het geheel of delen van deze verordening indien aan de in artikel 2.8.1. lid twee, vermelde voorwaarden wordt voldaan.
**26.** Maatschappelijke binding: de binding van een persoon aan de provincie, daarin gelegen dat die persoon een redelijk met de plaatselijke samenleving verband houdend belang heeft zich in dit gebied te vestigen, met dien verstande dat een maatschappelijke binding in elk geval wordt aangenomen ten aanzien van:
- personen die tenminste drie jaar onafgebroken ingezetenen zijn in een of meer van de gemeenten in de provincie, dan wel gedurende de voorgaande tien jaar ten minste zes jaar onafgebroken ingezetenen zijn geweest van een of meer van de gemeenten in de provincie;
- personen die een dagopleiding volgen gedurende tenminste negentien uur per week aan een in de provincie gevestigde en erkende instelling voor dagonderwijs.
**27.** Onttrekkingsvergunning: een vergunning als bedoeld in artikel 30 van de Huisvestingswet.
**28.** Overige woningzoekenden: alle woningzoekenden die niet als doorstromer kunnen worden aangemerkt.
**29.** Provincie: de provincie Utrecht.
**30.** Regio: de gemeenten,
Abcoude, Breukelen, Loenen, Oudewater, Montfoort, Oudewater, De Ronde Venen, Woerden, De Bilt, Bunnik, Houten, IJsselstein, Maarssen, Nieuwegein, Utrecht, Vianen, Amerongen, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Zeist.
**31.** Rekenhuur: de rekenhuur zoals is bedoeld in artikel 5 van de Wet op de Huurtoeslag.
**32.** Standplaats: een standplaats zoals benoemd in artikel 1, eerste lid, onder e, van de Huisvestingswet.
**33.** Starter: een woningzoekende die op de dag dat een koopwoningaanbod wordt gepubliceerd geen zelfstandige woonruimte bewoont die hij of zij achterlaat voor verkoop of verhuur.
**34.** Splitsingsvergunning: een vergunning als bedoeld in artikel 33 van de Huisvestingswet.
**35.** Urgentieverklaring: verklaring op grond waarvan een woningzoekende met een ernstig huisvestingsprobleem met voorrang in aanmerking kan komen voor de toewijzing van woonruimte.
**36.** Toewijzingssysteem: het selecteren van een kandidaat voor ter verdeling beschikbare woonruimte via een aanbodsysteem of via bemiddeling.
**37.** Vluchtelingen en statushouders: woningzoekenden die op grond van de Vreemdelingenwet als vluchteling zijn toegelaten, dan wel om klemmende in de persoon gelegen redenen, verband houdende met omstandigheden in hun land van herkomst, in het bezit zijn gesteld van een Verblijfsvergunning.
**38.** Wet: de Huisvestingswet.
**39.** Woningruil: het door twee of meer huishoudens wederkerig in gebruik nemen van elkaars zelfstandige woonruimte met het oogmerk van daadwerkelijke permanente bewoning.
**40.** Woningtypen:
- seniorenwoningen: woningen die specifiek geschikt zijn voor personen van 55 jaar en ouder:
- seniorenwoningen met zorgvoorzieningen (aanleunwoningen/beschutte woningen): zelfstandige seniorenwoningen waarbij gebruik gemaakt wordt van faciliteiten van zorgverlenende instellingen;
- gehandicaptenwoningen: ingrijpend aangepaste woningen die naar hun aard bestemd zijn voor bewoning door een gehandicapte;
- jongerenwoningen: woningen voor alleenstaanden en tweepersoonshuishoudens met name bedoeld voor de leeftijdscategorie van 18 tot 30 jaar;
- wisselwoningen: woningen die ten behoeve van tijdelijke bewoning worden aangeboden voor personen die door ingrijpende verbetering of sloop/nieuwbouw de huidige woning moeten verlaten, maar na voltooiing van de werken kunnen terugkeren;
- plankwoningen: woningen die op de nominatie staan ingrijpend te worden verbeterd dan wel te worden gesloopt en voor tijdelijke huisvesting in gebruik kunnen worden gegeven;
- eengezinswoning;
- flat - parterre;
- flatwoning vanaf 1e verdieping (met/zonder lift);
- bovenwoning;
- benedenwoning;
- maisonnette.
**41.** Woningzoekende: degene die in het register als bedoeld in artikel 2.4.1 is ingeschreven.
**42.** Woonruimte: besloten ruimte die, al dan niet tezamen met een of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door een huishouden; onder het begrip woonruimte wordt mede begrepen een standplaats voor een woonwagen.
**43.** Woonwagen: zoals benoemd in artikel 1, eerste lid, onder f van de Huisvestingswet.
**44.** Zelfstandige woonruimte: woonruimte met een eigen toegang, die door een huishouden kan worden bewoond zonder dat het huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte.
**45.** Zoekprofiel: een beschrijving van de woningtypen waarvoor een urgent woningzoekende met voorrang in aanmerking kan komen.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Oudewater 2006