**1..** De commissie stelt jaarlijks, vóór 1 mei, het verslag zoals bedoeld in artikel 2.,1 eerste lid, onder h op voor de gemeenteraad over het voorafgaande jaar. Daarin komt tenminste aan de orde:
op welke wijze toepassing is gegeven aan het beleid zoals aangegeven in artikel 3.4 lid 1 onder b;
de werkwijze van de commissie;
op welke wijze uitwerking is gegeven aan de openbaarheid van vergaderen;
een overzicht van de verstrekte adviezen en de wijze waarop uitvoering is gegeven aan artikel 3.4 onder 2.;
een korte beschouwing van de belangrijkste monumentenplannen;
**2..** In het jaarverslag kunnen aanbevelingen worden gedaan ten aanzien van het gemeentelijk cultuurhistorisch beleid;
**3..** De commissie houdt gedurende het verslagjaar een logboek bij waarin de onder lid 1 en 2 bedoelde onderwerpen worden aangetekend.
**4..** De commissie baseert haar verslag op het logboek zoals bedoeld in het voorgaande lid en het evaluatiegesprek als bedoeld in artikel 2.4 lid 4.
HOOFDSTUK 4
Artikel 4.1