Naar hoofdinhoud
Het bestuur bestaat uit twee leden. De colleges wijzen uit hun midden ieder één lid van het bestuur aan. De colleges wijzen voor ieder door hen aangewezen lid tevens een plaatsvervangend lid uit hun midden aan, dat het lid bij afwezigheid in het bestuur kan vervangen. De aanwijzing van de eerste bestuursleden van de bedrijfsvoeringsorganisatie geschiedt zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk twee maanden na inwerkingtreding van deze regeling. De aanwijzing als bedoeld in lid 2 en lid 3 van dit Artikel geschiedt, behoudens de situatie als bedoeld in lid 4 van dit Artikel, binnen twee maanden na het moment dat ten minste de helft van het aantal wethouders van de colleges is benoemd en deze benoemingen zijn aangenomen. Indien een zetel van een lid van het bestuur tussentijds vacant komt, wordt deze tijdelijk vervuld door het plaatsvervangend lid, en wijst het college van de betreffende deelnemer zo spoedig mogelijk een nieuw lid aan.

Rechtspraak bij dit artikel