Een regiogemeente kan tussentijds uittreden door een besluit van het college na verkregen toestemming van de betreffende raad.
Een regiogemeente kan uitsluitend per 1 januari van een kalenderjaar uittreden.
Een regiogemeente maakt het voornemen tot uittreding minimaal één jaar van tevoren per aangetekende brief kenbaar aan de centrumgemeente.
Als een regiogemeente uittreedt, zal die gemeente tot 1 januari 2024 de jaarlijkse uitvoeringskosten van de centrumgemeente en de contractuele verplichtingen met aanbieders aan de centrumgemeente blijven voldoen. Daarnaast betaalt die regiogemeente ook via de afgesproken verdeelsleutel van de opheffings- of liquidatiebijdrage de werkelijke kosten. Deze kosten worden vastgesteld in een opheffings- of liquidatieplan.
De uitgetreden regiogemeente is verantwoordelijk voor het regelen van de overgang van de eigen inwoners van de regionaal ingekochte ondersteuning naar elders in te kopen ondersteuning.
Op de tussentijdse uittreding uit deze regeling is artikel 23 van deze regeling van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 4
Artikel 15
Tussentijdse uittreding
Onderdeel van Centrumregeling Wmo Brabant Noordoost-oost 2020