Naar hoofdinhoud
1. Binnen twee jaar na datum van het verlijden van de notariële akte of indien de onroerende zaak vervroegd in gebruik is genomen vanaf die datum, moet de op de onroerende zaak te stichten bebouwing voltooid en gebruiksklaar zijn overeenkomstig het door de gemeente goedgekeurde bouwplan. Indien daartoe aanleiding bestaat kan deze termijn door burgemeester en wethouders worden verlengd. 2. Zolang niet is voldaan aan de in lid 1 vermelde verplichting mag de koper de onroerende zaak niet zonder toestemming van burgemeester en wethouders vervreemden. Aan deze toestemming kunnen voorwaarden worden verbonden. Voor vestiging van het recht van hypotheek is geen toestemming nodig. 3. Indien na verloop van de termijn als bedoeld in lid 1 de bebouwing niet volledig gereed is is de koper aan de gemeente een boete verschuldigd voor iedere dag, hierbij een ingetreden dag voor een volle dag gerekend, waarop hieraan nog niet is voldaan, ter grootte van één promille van de koopprijs exclusief omzetbelasting, onverminderd het recht van de gemeente om de volledige nakoming van de bouwplicht te vorderen. Tevens heeft de gemeente het recht de wederoverdracht te vorderen. De kosten van de wederoverdracht zijn in dat geval voor rekening van de koper, zodat de gemeente vrij op naam krijgt teruggeleverd. 4. Het bepaalde in lid 2 is niet van toepassing in geval van executoriale verkoop op grond van artikel 268 boek 3 BW en van verkoop op grond van artikel 174 boek 3 BW. 5. De in lid 2 bedoelde toestemming wordt geacht te zijn verleend als de overdracht van de onroerende zaak geschiedt ter uitvoering van een tussen de in de koopovereenkomst genoemde koper en (een) derde(n) gesloten koop-/aannemingsovereenkomst, waarbij genoemde koper zich tegenover die derde(n) verplicht de in de koopovereenkomst genoemde opstallen te bouwen en mits de in de koopovereenkomst genoemde koper aande betreffende derde(n) oplegt die bepalingen van de koopovereenkomst, welke volgens de koopovereenkomst door de koper moeten worden opgelegd aan de derde(n). De derde(n) dient/dienen zich in de koop-/aanneemovereenkomst te verplichten tot nakoming van die verplichtingen. 6. Het in dit artikel in lid 4 gestelde geldt uitsluitend voor de in de koopovereenkomst genoemde koper(s) en gaat niet over op diens rechtsopvolgers.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel