Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 2.1

Toepassingsbereik bij een aanvraag voor een beschikking

Onderdeel van Beleidsregel Wet Bibob gemeente Enschede 2019

1.. Uitvoering van het Bibob-onderzoek door het bestuursorgaan vindt plaats bij elke aanvraag voor een: Alcoholwetvergunning (artikel 3 Alcoholwet), tenzij het betreft een vergunning voor het uitoefenen van het slijtersbedrijf; aanwezigheidsvergunning kansspelautomaten (artikel 30b lid 1 Wet op de Kansspelen); verhuurvergunning opkoopbescherming (artikel 2 lid 1 Huisvestingsverordening Enschede 2022); vergunning verstrekking alcoholvrije drank (artikel 7 Drank- en Horecaverordening Enschede); vergunning speelgelegenheid (artikel 2:39.2 APV); vergunning voor het exploiteren van een smart-, head- of giftshop (artikel 2:86 APV); evenementenvergunning voor zover het betreft een vechtsportwedstrijd of –gala welke behoort tot door de burgemeester aangewezen categorieën (artikel 2:25 APV en Nadere regels vechtsportevenementen Enschede 2017) of voor zover het een evenement betreft waarbij de activiteiten verband houden met de in artikel 1.3 beschreven risicocategorieën; vergunning seksinrichting of escortbedrijf (artikel 3:2.1 APV); omgevingsvergunning voor het geheel of gedeeltelijk bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1, eerste lid onder a Wabo; per de datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt dit artikel 5.1 lid 2 onder a Omgevingswet – omgevingsvergunning bouwactiviteit en artikel 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet – omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit, in samenhang met artikel 5.31 lid 1 onder a en b Omgevingswet): betrekking hebbend op een risicocategorie als genoemd in artikel 1.3; of met een aanneemsom exclusief BTW (bouw- en/of projectkosten) van € 500.000,- of meer; of betrekking hebbend op een door de gemeente Enschede aan particulieren verkocht kavel ten behoeve van woningbouw; in andere gevallen als bedoeld onder i.1 tot en met i.3, als dit betreft de vierde aanvraag van een en dezelfde aanvrager binnen het tijdvak van 1 jaar na de eerste aanvraag. omgevingsvergunning (milieu) voor het oprichten van de inrichting, het veranderen van de inrichting, het veranderen van de werking van een inrichting of het in werking hebben van een inrichting welke behoort tot een risicocategorie als genoemd in artikel 1.3 (artikel 2.1, eerste lid onder e Wabo (voor zover betrekking hebbend op een inrichting als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wabo) of i Wabo (voor zover betrekking hebbend op een activiteit waarvoor bij algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 2.17 Wabo is bepaald dat de beschikking in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 Wet Bibob, kan worden geweigerd)); per de datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt dit artikel 5.1 lid 2 onder b Omgevingswet – omgevingsvergunning milieubelastende activiteit, in samenhang met artikel 5.31 lid 1 onder c Omgevingswet. 2.. In andere gevallen als bedoeld in lid 1 zal het bestuursorgaan een Bibob-onderzoek uitvoeren bij aanwijzingen voor of het vermoeden van gevaar als bedoeld in artikel 3 van de wet of bij aanwijzingen voor of het vermoeden van feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 3 lid 6 van de wet op grond van: informatie die bij de gemeente bekend is; informatie verkregen van het Bureau, zoals een tip als bedoeld in artikel 11 van de wet; informatie verkregen van één van de partners uit het samenwerkingsverband RIEC; informatie verkregen op grond van artikel 26 van de wet; informatie van andere bestuursorganen; informatie uit open bronnen, of andere signalen over de betrokkene of zijn potentiële, huidige of voormalige Bibob-relaties als bedoeld in artikel 3, vierde lid van de wet. 3.. In andere gevallen als bedoeld in lid 1 en lid 2 zal het bestuursorgaan eveneens een Bibob-onderzoek uitvoeren als bij navraag door het bestuursorgaan bij het Bureau blijkt, dat in de afgelopen vijf jaren in een advies van het Bureau of in bevindingen van eigen onderzoek strafbare feiten die zijn gepleegd door dezelfde natuurlijke of rechtspersonen als naar wie het bestuursorgaan eigen onderzoek verricht, ten grondslag zijn gelegd aan de conclusie van ernstig gevaar of mindere mate van gevaar in de zin van de wet, of als andere informatie zoals bedoeld in artikel 11a van de wet naar voren komt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel