1. Aan de werknemer die het maximumsalaris van de voor hem/haar geldende functionele schaal heeft bereikt en de beoordeling “voldoende” is, wordt de uitloopschaal toegekend.
2. Bij de toepassing van het 1ste lid worden de aan de werknemer toegekende toelagen / salarisgaranties geïncorporeerd, zulks m.u.v. de inconveniëntentoelage.
3. Indien de beoordeling van een werknemer “voldoende” is, wordt het salaris van deze werknemer binnen de voor hem/haar geldende salarisschaal verhoogd tot het naasthogere bedrag.
4. Indien de beoordeling van een werknemer “onvoldoende” is, wordt het salaris van
deze werknemer binnen de voor hem/haar geldende salarisschaal níet verhoogd.