In deze verordening wordt verstaan onder:
college: het college van burgemeester en wethouders;
kermis: een bij deze verordening ingestelde openbare gelegenheid ten behoeve van de exploitatie van kermisinrichtingen en consumptiezaken;
kermisinrichting: vermakelijkheden, kinder- en familievermaakzaken, oefeningspelen en verkoopzaken, bestemd tot vermaak, genot en vertier op kermissen;
standplaats: de locatie van een kermisinrichting en consumptiezaak op het kermisterrein;
kermisterrein: plaats waar de kermis plaatsvindt;
consumptiezaak: inrichtingen waarin artikelen voor consumptie worden verkocht;
kermisexploitant: een natuurlijk of rechtspersoon die zijn beroep of bedrijf heeft gemaakt van de exploitatie van een c. bedoelde inrichting;
vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats.