De praktijk wijst uit dat niet alle goedgekeurde plannen ook direct tot ontwikkeling komen. Deze zitten nieuwe plannen in de weg. Bestaande plancapaciteit weegt immers mee bij de toets aan de Ladder voor duurzame verstedelijking.
Het college hanteert een realisatietermijn van 3 jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning. Het college toetst 6 maanden voor het verstrijken van de realisatietermijn of het plan in aanbouw is of is opgeleverd. Als dit niet zo is, deelt het college de initiatiefnemer schriftelijk mee dat de geldende bouwtitel wordt ingetrokken en het bestemmingsplan daarvoor wordt aangepast. De initiatiefnemer krijgt nog één jaar de tijd om het plan te realiseren.
Er kunnen omstandigheden zijn die maken dat er meer tijd nodig is om het plan te kunnen realiseren. In de volgende gevallen is het mogelijk na de bovengenoemde drie jaar opnieuw een termijn van drie jaar tot realisatie vast te stellen:
Herbestemming van leegstaand vastgoed. Bijvoorbeeld als het gaat om het creëren van woonruimte in cultuurhistorisch erfgoed.
Woningbouwontwikkelingen op locaties met een relatief grote kans op weerstand en vertraging.
Woningbouwplannen die de afronding vormen van een langer lopend (ruimtelijk) project.
Woningbouwinitiatief waarbij tegelijkertijd een ruimtelijk- en/of milieuknelpunt wordt opgelost.
Plannen waarbij al een substantieel deel is gerealiseerd ofwel plannen die in een afrondende fase verkeren en waarbij het vanuit het oogpunt van stedenbouwkundige kwaliteit gewenst is om de beoogde woonbestemmingen te handhaven.
De bouwlocaties ‘op voorraad’ (zie 2.5).
Hoofdstuk 2
Artikel 2.4