Naar hoofdinhoud

Artikel 9

Procedure

Onderdeel van Regeling geschillencommissie Dronten 2020

De werknemer start een procedure voor de commissie met de toezending van een brief aan het secretariaat. De brief vermeldt in ieder geval: de naam en het adres van de werknemer, de beslissing – of het achterwege blijven daarvan – die ten grondslag ligt aan het geschil, een heldere omschrijving van de feiten die tot het geschil hebben geleid en een duidelijke conclusie en/of verzoek. Als de brief niet aan deze vereisten voldoet, geeft de commissie de werknemer de gelegenheid om de brief aan te vullen. De procedure wordt gevoerd in de Nederlandse taal. De werknemer kan zich tijdens de gehele procedure laten bijstaan door een vertrouwenspersoon, zoals een vakbondsadviseur, collega, advocaat of medewerker van een rechtshulpverzekeraar. De kosten voor die bijstand zijn voor rekening van de werknemer. De procedure schort de werking van de bestreden beslissing niet op. Het secretariaat bevestigt de ontvangst van de brief en zendt een kopie van de brief aan de commissie en de werkgever. Nadat de brief volledig is ingediend, kan de commissie de werkgever verzoeken om een tijdelijke maatregel te treffen. Als de brief richt tegen de individuele toepassing van een functiewaarderingssysteem, stuurt het secretariaat aan het team Advies/HR een kopie van de brief met het verzoek om een schriftelijk deskundigenadvies uit te brengen. De werkgever kan binnen vier weken na toezending van de brief door het secretariaat, of het deskundigenadvies als het geschil over functiewaardering gaat, een verweerschrift aan het secretariaat sturen. Het secretariaat zendt een kopie van het verweerschrift aan de commissie en de werknemer. De voorzitter kan de werknemer daarna vragen om een schriftelijke reactie, waarna ook de werkgever weer schriftelijk mag reageren, steeds met een termijn van maximaal twee weken. Het secretariaat zendt kopieën van de reacties aan de commissieleden en de andere partij. Binnen vier weken na de schriftelijke voorbereiding stelt de voorzitter plaats en tijdstip vast voor de mondelinge behandeling. De commissie kan tijdens de mondelinge behandeling ook anderen horen, als zij dat nodig vindt. Ook de werkgever en de werknemer kunnen getuigen of deskundigen voordragen om tijdens de mondelinge behandeling door de commissie te worden gehoord. Een verzoek daartoe moet uiterlijk twee weken voor de mondelinge behandeling bij het secretariaat worden ingediend. De commissie neemt hierover een besluit. Het secretariaat informeert de werkgever en de werknemer als getuigen of deskundigen worden gehoord tijdens de mondelinge behandeling. De commissie kan meerdere geschillen gecombineerd behandelen. De mondelinge behandeling is niet openbaar, tenzij de commissie anders bepaalt en de werknemer en de werkgever daar geen bezwaar tegen hebben. Tijdens de mondelinge behandeling zal de commissie proberen een minnelijke schikking tussen de werkgever en de werknemer te bereiken. De commissie kan daartoe de behandeling aanhouden en partijen een termijn voor beraad geven. Als de behandeling niet tot overeenstemming tussen de werkgever en de werknemer leidt, doet de commissie binnen twee weken na de mondelinge behandeling uitspraak in de vorm van een schriftelijk, zwaarwegend advies aan de werkgever en de werknemer.

Rechtspraak bij dit artikel