Aan vergunningen tot het aanwezig hebben van speelautomaten in inrichtingen als bedoeld in artikel 30c, eerste lid, onder a en b van de Wet worden voorschriften en beperkingen verbonden, met dien verstande dat in ieder geval uit de vergunning blijkt of die betrekking heeft op kansspel- en/of behendigheidsautomaten.
In hoogdrempelige inrichtingen zijn vier speelautomaten toegestaan, waarvan maximaal twee kansspelautomaten.
In laagdrempelige inrichtingen zijn vier speelautomaten toegestaan, met dien verstande dat kansspelautomaten in het geheel niet zijn toegestaan.
Speelautomatenhallen
HOOFDSTUK 2. › AFDELING 10.
Artikel 2:39b
Voorschriften/beperkingen vergunning
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Steenwijkerland 2009 Versie 7 (incl. 6e wijz.)