Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Niet-subsidiabele kosten

Onderdeel van Algemene subsidieverordening 2020

Er wordt in elk geval geen subsidie verstrekt voor: kosten waarvoor reeds verplichtingen zijn aangegaan voordat de aanvraag is ontvangen, tenzij het een boekjaarsubsidie betreft; kosten gemaakt na het verstrijken van het tijdvak waarvoor subsidie is verleend, met uitzondering van de kosten verbonden aan het voldoen aan artikel 21a, eerste lid; kosten die niet rechtstreeks aan de activiteit toe te rekenen zijn; niet noodzakelijke of bovenmatige kosten; verrekenbare of compensabele belastingen, heffingen of lasten; ongespecificeerde kosten, voor zover die hoger zijn dan 5% van de totale subsidiabele kosten; kosten van vrijwilligersuren, voor zover gewaardeerd boven het ten tijde van ontvangst van de aanvraag geldende wettelijk minimumloon van een 23-jarige, uitgaande van een 36-urige werkweek; boetes, financiële sancties en hiermee samenhangende kosten. Het college kan in subsidieregelingen als bedoeld in artikel 3, eerste lid, afwijken van het eerste lid, onderdeel a.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel