**1..** Het subsidieplafond voor een bijdrage in de loonkosten van het sporttechnisch kader ten behoeve van de training van jeugdleden is vastgesteld op € 9.500.
**2..** Het subsidieplafond voor een bijdrage per jeugdlid is vastgesteld op Є 13.000.
**3..** De bijdrage in de loonkosten van het sporttechnisch kader, zoals vermeld in artikel 3.1, eerste lid, bedraagt € 68 per trainer(ster)/leider(ster) vermenigvuldigd met een kwaliteitsfactor.
**4..** De in het derde lid bedoelde kwaliteitsfactor bedraagt:
1 voor kader in het bezit van een bevoegdheid waarvan de opleiding minimaal 9 en maximaal 75 uren heeft bedragen;
2 voor kader in het bezit van een bevoegdheid waarvan de opleiding minimaal 76 en maximaal 200 uren heeft bedragen;
3 voor kader in het bezit van een bevoegdheid waarvan de opleiding meer dan 200 uren heeft bedragen.
**5..** De sportopleidingen waaraan de in het derde lid bedoelde kwaliteitsfactor wordt toegekend, zijn de opleidingen die worden erkend door NOC*NSF en de sportbonden.
**6..** Een sportvereniging die niet is aangesloten bij een regionale of landelijke door het NOC*NSF erkende sportbond ontvangt 50% van het subsidiebedrag waar op grond van het derde en vierde lid aanspraak op zou bestaan wanneer zij wel bij een dergelijke sportbond aangesloten zou zijn.
**7..** De bijdrage per jeugdlid, zoals vermeld in artikel 3.1, tweede lid, bedraagt € 6.
**8..** Wanneer het totaal van de aanvragen het subsidieplafond overschrijdt, wordt het beschikbare bedrag naar evenredigheid verdeeld.
3 › 3.1
Artikel 3.4