Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 6

Criteria

Onderdeel van Beleidsregels Wmo & Jeugdhulp Gemeente Vlissingen

Een maatwerkvoorziening is altijd het laatste in de rij (zie ook afwegingsinstrumenten in artikel 3 van deze beleidsregels). Alleen wanneer iemand echt niet zelf of met hulp van zijn omgeving in staat is tot zelfredzaamheid of participatie en ook een algemene voorziening geen uitkomst biedt, is er een rol voor het college. Dat is niet het geval wanneer het gaat om diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen of andere maatregelen die naar hun aard gebruikelijk zijn (fiets, schoonmaakmiddelen, wandelstok, eenvoudige rollator). Wanneer iemand beschikt over algemeen gebruikelijke zaken, maar deze in verband met zijn beperking of problemen niet meer afdoende zijn, kan wel aanleiding bestaan om een voorziening te treffen. Dat is ook niet het geval als de aanvrager zijn hulpvraag redelijkerwijs van te voren had kunnen voorzien en met zijn beslissing had kunnen voorkomen, bijvoorbeeld: indien iemand is aangewezen op een rolstoel en een huis koopt waarin veel dure aanpassingen moeten worden aangebracht, had het in de rede gelegen dat de aanvrager in een al aangepast huis zou zijn gaan wonen. Hulp bij het voeren van een huishouden wordt alleen geboden wanneer er geen andere oplossingen zijn die de problemen op dit leefgebied kunnen voorkomen of oplossen. Hiervoor is een Leidraad schoon een leefbaar huis: Nadere regels Leidraad schoon en leefbaar huis Definitie schoon huis: een schoon huis betekent dat iedereen gebruik moet kunnen maken van een schone woonkamer, als slaapvertrek in gebruik zijnde ruimtes, de keuken, sanitaire ruimte en de gang. Het huis dient zodanig schoon te zijn dat het niet vervuilt en zo een algemeen aanvaardbaar basisniveau van schoonhouden wordt gerealiseerd. Als de klant al gewend was om voor eigen rekening een schoonmaakhulp in te huren: alleen het enkele feit dat er zich beperkingen voordoen is geen reden om een beroep te doen op gemeentelijke ondersteuning. Bij de afwijzing weegt de gemeente het volgende mee: Zijn door het ontstaan van de beperkingen financiële mogelijkheden weggevallen? Is de ondersteuning door de ‘gebruikelijk aanwezige’ schoonmaak nog steeds toereikend? Het resultaat van de ondersteuning is dat de betrokkene beschikt over een schoon en leefbaar huis. Dit betekent dat men gebruik moet kunnen maken van een schone woonkamer, als slaapvertrek in gebruik zijnde ruimtes, de keuken, sanitaire ruimtes en gang/trap. De genoemde ruimtes dienen met enige regelmaat schoongemaakt te worden. Een schoon huis wil niet zeggen dat alle vertrekken wekelijks schoongemaakt moeten worden. Het betekent dat het huis niet vervuilt en periodiek schoon wordt gemaakt om zo een algemeen aanvaard basisniveau van schoon te realiseren. Indien de cliënt regie kan voeren over het eigen leven, mag van hem/haar worden verwacht dat werkzaamheden worden geprioriteerd en keuzes worden gemaakt. Gemeentelijke ondersteuning bij het voeren van een huishouden neemt de verantwoordelijkheid van de cliënt niet over, maar helpt om het resultaat te behalen. Het resultaat dat behaald dient te worden is een schoon en leefbaar huis. Er wordt samen met de cliënt bepaald wat er nodig is. Als er niet kan worden gekomen tot een gezamenlijke afspraak wordt teruggevallen op het CIZ-protocol (zie bijlage 4).

Rechtspraak bij dit artikel