Dit artikel is slechts van toepassing op de marktvergunningen die ten tijde van de inwerkingtreding van dit reglement reeds waren verleend.
De vaste vergunninghouder kan vanaf vijf jaar na verkrijging van een marktvergunning verzoeken om intrekking als bedoeld in artikel 14, eerste lid onder a van de verordening, van deze marktvergunning onder de voordracht van een nieuwe vergunninghouder, mits:
de verschuldigde marktgelden en alle andere vorderingen voortvloeiend uit de markt volledig zijn voldaan;
er geen sprake is van een kenbaar gemaakt voornemen, om de marktvergunning van de standplaatshouder in te trekken.
De natuurlijk persoon die wordt voorgedragen als nieuwe vergunninghouder dient gelijktijdig met het onder het eerste lid bedoelde verzoek een aanvraag in om een markvergunning voor dezelfde standplaats door middel van het door burgemeester en wethouders beschikbaar gestelde formulier.
De aanvraag als bedoeld in het eerste en in het tweede lid wordt gemeenschappelijk door de vergunninghouder en de voorgedragen vergunninghouder gedaan door middel van het daartoe door burgemeester en wethouders beschikbaar gestelde formulier.
Artikel 2:1, vierde lid, artikel 2:2, tweede lid en artikel 2:3, onder b, c, d, e, f en g zijn van overeenkomstige toepassing.
Voor wat betreft de marktvergunningen verleend voor de markt als bedoeld in artikel 1:2, onder a, van dit Marktreglement Den Haag 2016 vervalt het in het dit artikel geregelde overgangsrecht uiterlijk vijf jaren na inwerkingtreding daarvan, of eerder indien burgemeester en wethouders hebben besloten tot het invoeren van een civielrechtelijk overdraagbaar gebruiksrecht van de thans gehuurde opslagunit door vaste vergunninghouder en burgemeester en wethouders dientengevolge tevens besluiten tot het laten vervallen van dit artikel op een kortere termijn dan vijf jaren.
Binnen de termijn van vijf jaar zullen burgemeester en wethouders het in dit artikel geregelde overgangsrecht niet intrekken of vervallen verklaren indien niet aan alle vaste vergunningshouders die op dat moment een beroep kunnen doen op dit artikel, het civielrechtelijke aanbod is gedaan tot het verkrijgen van een dergelijk civielrechtelijk overdraagbaar gebruiksrecht. Een niet onderhandelbaar aanbod onder voor alle vaste vergunninghouders identieke (algemene) voorwaarden, al dan niet gedaan door, namens of in opdracht van de gemeente Den Haag, geldt ook als een aanbod als bedoeld in de zin van dit artikellid.
Hoofdstuk 5
Artikel 5:2
Overgangsrecht voordrachten
Onderdeel van VASTSTELLING MARKTREGLEMENT DEN HAAG 2016