Een vergunning als bedoeld in artikel 21 sub c en d van de wet kan worden geweigerd als:
**a..** naar het oordeel van burgemeester en wethouders het belang van het behoud of de samenstelling van de woonruimtevoorraad groter is dan het met de omzetting of woningvorming gediende belang;
**b..** redelijkerwijs kan worden aangenomen dat het verlenen van de vergunning leidt tot een onaanvaardbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van het betreffende pand;
**c..** de woning waarvoor de vergunning wordt gevraagd ligt in een door het college aangewezen gebied.
HOOFDSTUK 6
Artikel 24
Weigeringsgronden
Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Eindhoven 2020