Het is niet mogelijk een omgevingsvergunning van rechtswege te laten vervallen. Aangezien de bevoegdheid tot het intrekken van een omgevingsvergunning een discretionaire bevoegdheid betreft, zal bij het intrekken van omgevingsvergunningen altijd sprake moeten zijn van een belangenafweging. De werkwijze en procedures omtrent het intrekken van omgevingsvergunningen spitsen zich toe op de gevallen waarin (niet) tijdig is begonnen met de uitvoering of dat wel is begonnen maar er sprake is van een vertraging gedurende een bepaalde periode (artikel 2.33, lid 2, onder a, van de Wabo)
Overeenkomstig artikel 3.15 van de Wabo wordt voor de intrekking van de omgevingsvergunning dezelfde procedure gevolgd als de voorbereidingsprocedure waarmee de vergunning tot stand is gekomen.