Het is verboden op een door het college in het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of opheffing van overlast dan wel voorkoming van schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen, buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer in de openlucht of buiten de weg de volgende voorwerpen of stoffen op te slaan, te plaatsen of aanwezig te hebben:
a. onbruikbare of aan hun oorspronkelijke bestemming onttrokken voer- of vaartuigen of onderdelen daarvan;
b. bromfietsen en motorvoertuigen of onderdelen daarvan;
c. kampeermiddelen als bedoeld in artikel 4.17 of onderdelen daarvan, voorzover het plaatsen of aanwezig hebben daarvan geschiedt voor verkoop of verhuur of anderszins voor een commercieel doel of;
d. mestopslag, gierkelders of andere verzamelplaatsen van vuil, een verzameling ingekuild gras, loof of pulp of ingekuilde landbouwproducten, afbraakmaterialen en oude metalen.
Het college kan bij de aanwijzing nadere regels stellen.
Dit artikel is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet ruimtelijke ordening of de Provinciale Verordening Zeeland.
HOOFDSTUK 4
Artikel 4.13
Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen en dergelijke
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Veere 2020