Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2. › Paragraaf 2.9

Artikel 2.9.8

Loslopende honden

Onderdeel van Omgevingsverordening 2020

1.. Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten lopen of verblijven: op een openbare plaats als de hond niet is aangelijnd; op een voor het publiek toegankelijke kinderspeelplaats, zandbak of speelweide dan wel op een andere door het college aangewezen plaats; op een openbare plaats als de hond niet is voorzien van een halsband of een ander identificatiemerk waaruit blijkt wie de eigenaar of houder is. 2.. De verboden genoemd in het eerste lid, aanhef, onder a en b zijn niet van toepassing op de eigenaar of houder van een hond: die zich vanwege zijn handicap door een geleidehond of sociale hulphond laat begeleiden, of die deze hond aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond of sociale hulphond.

Rechtspraak bij dit artikel