Naar hoofdinhoud
1.. De regeling kan worden opgeheven op voorstel van het algemeen bestuur, bij een daartoe strekkend besluit van de betreffende bestuursorganen van tenminste drie vijfde van de deelnemende gemeenten. 2.. Ingeval van opheffing van de regeling regelt het algemeen bestuur de financiële gevolgen van de opheffing in een liquidatieplan. Hierbij kan van bepalingen van de regeling worden afgeweken. 3.. Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de raden van de deelnemende gemeenten gehoord, vastgesteld. 4.. Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de deelnemende gemeenten tot deelneming in de financiële gevolgen van de opheffing. 5.. Het liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de opheffing heeft voor het personeel. 6.. Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie. 7.. De organen van de gemeenschappelijke regeling blijven ook na het tijdstip van opheffing in functie, totdat de liquidatie is voltooid.

Rechtspraak bij dit artikel