**1..** Het college kan in overeenstemming met het beleidsplan, bedoeld in artikel 2.1.2 van de wet, op aanvraag aan personen met een beperking of chronische psychische of psychosociale problemen een tegemoetkoming verstrekken ter ondersteuning van de zelfredzaamheid en de participatie.
**2..** De tegemoetkoming wordt vastgesteld:
voor vervoer: op basis van het in de regio gangbare toepasselijke tarief, uitgaande van maximaal 2000 kilometer per jaar en rekening houdende met de vervoersbehoefte van de cliënt en diens partner, de leeftijd van de cliënt, de beschikbaarheid van een ander verplaatsingsmiddel en de mate waarin dat verplaatsingsmiddel in de vervoersbehoefte voorziet;
voor verhuis- en inrichtingskosten: op basis van het gemiddelde van het in de regio gangbare tarief voor verhuis - en inrichtingskosten van een standaardwoning.
**3..** De, in lid 2 sub a benoemde, tegemoetkoming voor vervoer door derden kan alleen verstrekt worden indien er sprake is van een contra-indicatie voor het gebruik van collectief vraagafhankelijke vervoer (Regiotaxi) én een contra-indicatie geldt voor individueel taxivervoer. De aanwezigheid van contra-indicaties dient aangetoond te zijn door daarvoor bevoegde deskundigen.
**4..** Het college draagt zorg voor de kenbaarheid van de bedragen.
Hoofdstuk 8
Artikel 20.