1. Een cliënt kan in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening maatschappelijke opvang als hij
a. feitelijk of residentieel dakloos is, en
b. niet in staat is zich op eigen kracht in de samenleving te handhaven, en
c. niet beschikt over alternatieven die de situatie van feitelijke of residentiële dakloosheid op kunnen heffen.
2. Een slachtoffer van huiselijk geweld kan in aanmerking komen voor opvang als deze
a. slachtoffer is van geweld in huiselijke kring, en vanwege aspecten van veiligheid de thuissituatie moet verlaten, of indien sprake is van kindermishandeling en opvang van kind(eren) met de beschermende ouder/verzorger in de opvang noodzakelijk is, en
b. 18 jaar of ouder is, al dan niet met kinderen, en
c. geen mogelijkheden heeft om zelf, al dan niet met gebruikmaking van het eigen sociale netwerk of door interventie van derden een veilige situatie te creëren, of in alternatieve huisvesting te voorzien.
3. Het college draagt zorg voor kortdurend voltijdopvang naar aanleiding van een crisissituatie, op voor specifiek dat doel bestemde plekken, voor maatschappelijke opvang gedurende maximaal drie aaneengesloten dagen, en in geval van huiselijk geweld maximaal gedurende tien dagen.
Artikel 12c.
Maatwerkvoorziening Opvang
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Veendam 2020