Naar hoofdinhoud
Per handhavingsthema is weergegeven welke toezichtvorm wordt gehanteerd. Vervolgens is de basisstrategie toegelicht, waarna een verbijzondering volgt van een aantal hoog geprioriteerde thema’s. Toezichtvormen per thema Basisstrategie toezicht Openbare ruimte en veiligheid > Primaire toezichtvorm: Rondes Met voorrang of accent op hoog geprioriteerde thema’s Daarnaast de gemiddeld geprioriteerde thema’s en de actualiteiten Het toezicht in de openbare ruimte betreffen vooral thema’s die niet inrichtingsgebonden zijn. De primaire toezichtstrategie voor het beleidsveld Openbare ruimte en veiligheid is dan ook dat het toezicht plaats vindt door middel van ‘rondes’ (surveillance). Het houden van rondes is de primaire daginvulling van de boa. Te meer omdat rondes zorgen voor blauw op straat. Daar gaat een belangrijke preventieve werking vanuit. De rondes vinden wijkgericht of themagericht plaats. Zoals is aangestipt in § 3.3 is het basisprincipe van de prioriteitstelling dat hoe hoger een thema is geprioriteerd, hoe frequenter of intensiever de handhavingsinspanningen zijn ten aanzien van dat thema. Hieraan wordt invulling gegeven door tijdens de (wijkgerichte) rondes het accent op hoog geprioriteerde thema’s te leggen of door het houden van themagerichte rondes, zoals een ronde die specifiek gericht is op verkeersveiligheid rond basisscholen, of een ronde op vrijdagavond die specifiek gericht is op de hotspots jeugdoverlast Aldus ligt het accent van de dagelijkse rondes op hoog geprioriteerde thema’s. Daarnaast worden de actualiteiten meegenomen: Gemiddelde prioriteit thema’s: aan de hand van hotspots, zoals hotspots foutparkeren, hotspots hondenoverlast etc. Binnengekomen meldingen: deze worden ter plaatse onderzocht en zo mogelijk direct afgedaan; - Toezicht op tijdelijke activiteiten: controle op verleende vergunningen of ontheffingen, zoals een obstakelvergunning of terrasvergunning. Incidenteel toezicht: klachten / signalen ten aanzien van laag geprioriteerde thema’s. > Andere toezichtvormen naar gelang de aard van het thema: Periodiek toezicht Toezicht op tijdelijke activiteiten (al dan niet gecombineerd in ronde) Toezichtacties Naast rondes worden andere toezichtvormen toegepast, afhankelijk van de aard van het handhavingsthema. Periodiek toezicht: op inrichtingsgebonden thema’s zoals horecathema’s of het Digitaal Opkopers Register. Toezicht op tijdelijke activiteiten: naar aanleiding van aflopende vergunningen of ontheffingen, zoals evenementen. Toezichtacties: ten behoeve van thema’s met bepaalde doelgroepen, zoals toezichtacties gericht op mountainbikers binnen het thema bostoezicht. > Incidenteel toezicht op laaggeprioriteerde thema’s (al dan niet gecombineerd in ronde) Daarnaast is er een groot aantal laag geprioriteerde thema’s. Hierop vindt alleen passieve handhaving plaats. Dat wil zeggen dat toezicht wordt gehouden naar aanleiding van concrete klachten, meldingen die binnenkomen via meldpunt woonomgeving of naar aanleiding van de signalering van excessieve situaties (signalering door boa’s zelf tijdens de dagelijkse rondes, door ketenpartners of door inwoners). De meldingen worden zoveel als mogelijk binnen een week meegenomen in een van de dagelijkse rondes. Excessieve situaties echter worden vanwege de mogelijke hinder of gevaarzetting alsnog bij voorrang opgepakt. Verbijzondering geprioriteerde thema’s Verbijzondering thema ‘Jeugdgroepen’ Het toezicht op jeugdgroepen vindt plaats in rondes. Daarbij worden hotspots bezocht op tijdstippen dat de groepen actief zijn. De locaties wisselen alsook de samenstelling van de groepen, zodat ook de inzet per periode zal verschillen. Het gemeentelijk beleid is gericht op een integrale groepsaanpak, waarbij jongerenwerk een prominente rol speelt. De andere handhavingspartners zijn politie, jeugdzorg en onderwijs. De boa’s vormen dus één van de schakels in de keten. Hun rol is gelegen in het tijdens de rondes aanspreken van jongeren op hun gedrag en het doorgeven van signalen aan de ketenpartners. Verbijzondering thema ‘Risicovolle evenementen’ : integraal toezicht De risicovolle evenementen (inclusief zwaar belastende evenementen) zijn als hoog geprioriteerd. Dit betekent dat op elk evenement toezichtcapaciteit wordt ingepland (100% toezicht, dus niet steekproefsgewijs, zie verder hst 5. Handhavingsdoelstellingen). Van groot belang bij deze evenementen is integraal toezicht. Alle toezichtactiviteiten van de relevante handhavingspartners (dit zijn in elke geval de actoren die bij het vergunningstraject hebben geadviseerd) worden op elkaar afgestemd. De toezichtactiviteiten zien in elk geval op de risicovolle elementen van het evenement. Voorbeelden daarvan zijn: grote bezoekersaantallen; constructieve veiligheid van tribunes, podia, tenten en andere constructies; veiligheid van installaties, zoals gasvoorzieningen bij standplaatsen; brandveilig gebruik van bijvoorbeeld tenten; ingrijpende verkeersmaatregelen; bewegende of rijdende elementen; geluidsinstallaties; verkoop van alcoholhoudende dranken. Ketenpartners bij de uitvoering van integraal toezicht zijn in elk geval: bouwtoezicht (constructies), Vru (brandveilig gebruik, brandveiligheid installaties), politie (openbare orde) en RUD (geluid). Bij de jaarlijkse evaluatie van het onderhavige meerjarenbeleid zal worden getoetst of en hoe het nieuw op te stellen evenementenbeleid aanleiding geeft tot actualisatie / bijstelling. Verbijzondering thema ‘Drank- en horecawet’ Het toezicht op de Drank- en horecawet is inrichtingsgebonden. Het toezicht vindt dan ook ‘periodiek’ plaats. Onderscheid wordt gemaakt tussen de reguliere horeca (vergunningplichtig), de paracommerciële horeca (vergunningplichtig), de slijterijen (vergunningplichtig), de artikel 18-bedrijven zoals supermarkten (vergunningvrij), evenementenontheffingen en ontheffing van de schenktijden. In het ‘Preventie- en handhavingsplan Drank- en horecawet gemeente Soest’ is het handhavingsbeleid opgenomen ten aanzien van dit thema. Wat betreft het toezicht ligt het accent op de basiscontroles (algehele controle van al dan niet vergunningplichtige verkooppunten) en de leeftijdsgrenzencontroles (controle op de verstrekking van drank aan jongeren onder de 18 jaar). Het beleid maakt wat betreft de gewenste controlefrequentie onderscheid tussen hoge risico- en lage risicoverkooppunten. De toezichtstrategie Drank- en horecawet uit voornoemd beleidsplan is opgenomen in bijlage 8. De scope van de basiscontroles is breder dan de Drank- en horecawet; de betreffende toezichthouder betrekt bij een basiscontrole alle horeca gerelateerde thema’s die op de betreffende inrichting van toepassing zijn bij de controle, zoals de exploitatievergunning (APV), de aanwezigheidsvergunning en de terrasvergunning. Zo nodig wordt de controle uitgevoerd met een ketenpartner, bijvoorbeeld met Vru (brandveilig gebruik) of een bouwtoezichthouder (in het geval een nieuwe Drank- en horecavergunning is verleend).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel