De toepassing van de artikelen 3 tot en met 5a geschiedt zodanig, dat de toepasselijke bijstandsnorm voor belanghebbende tenminste bedraagt:
a. 50% van de gehuwdennorm voor een alleenstaande,
b. 70% van de gehuwdennorm voor een alleenstaande ouder,
c. 80% van de gehuwdennorm voor gehuwden.