Naar hoofdinhoud
1.. Indien aan het vaartuig, met inbegrip van de voortbewegingsinrichting of enig onderdeel daarvan, reparatiewerkzaamheden worden uitgevoerd, wordt op verzoek ontheffing verleend voor de periode die aanvangt zeven aaneengesloten dagen na het begin van de reparatiewerkzaamheden en eindigt op het moment dat de reparatiewerkzaamheden worden beëindigd. 2.. Bij het verzoek om ontheffing dient de belastingplichtige, voor elke periode van zeven aaneengesloten dagen dat recht op ontheffing bestaat, een door of vanwege de reparateur ondertekende verklaring te overleggen, waaruit blijkt dat gedurende die periode aan het betreffende vaartuig reparatiewerkzaamheden zijn of worden verricht. 3.. Zonder bewijs van reparatie als bedoeld in het tweede lid wordt geen ontheffing verleend.

Rechtspraak bij dit artikel