De belasting wordt niet geheven voor het verblijf van:
van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen;
van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers;
kinderen in de leeftijd van 0 t/m 3 jaar;
onder bevoegde leiding deelneemt aan een jeugdkamp voor jongeren tot en met 18 jaar, en deel uitmaakt van een vereniging of andere organisatie met een doelstelling van sociale, culturele, educatieve of wetenschappelijke aard;
diegene die verblijft in een instelling met een ANBI-status;
diegene die verblijft bij een stichting zonder enig winstoogmerk;
Een vrijstelling als bedoeld in dit artikel, lid 4, wordt alleen toegepast indien dit duidelijk blijkt uit het gestelde in artikel 14.
Artikel 3
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2020