Het college verleent voor de aanvragen, bedoeld in artikel 3.1.2, eerste lid, ten hoogste:
10 vergunningen voor historische vaartuigen in het segment “beeldbepalend en historisch groot”,
18 vergunningen voor historische vaartuigen in het segment “beeldbepalend en historisch klein en middelgroot”,
6 vergunningen voor beeldbepalende vaartuigen in het segment “beeldbepalend en historisch groot”,
5 vergunningen voor beeldbepalende vaartuigen in het segment “beeldbepalend en historisch klein en middelgroot”,
25 vergunningen voor vaartuigen in het segment “groot”,
30 vergunningen voor vaartuigen in het segment “klein en middelgroot”,
50 vergunningen voor vaartuigen in het segment “onbemand”, en
11 vrij te verdelen vergunningen.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2
Artikel 3.2.1