Het college kan in overeenstemming met artikel 2.1.7 van de wet, op aanvraag aan personen met een beperking of chronische psychische of psychosociale problemen die daarmee verband houdende aannemelijke meerkosten hebben, een tegemoetkoming verstrekken ter ondersteuning van de zelfredzaamheid en de participatie.
Het college kan aan een cliënt een tegemoetkoming verstrekken in de vorm van een forfaitair bedrag ter hoogte van € 100,- per cliënt per kalenderjaar indien deze cliënt:
aanspraak maakt op een maatwerkvoorziening op peildatum 1 januari in het kalenderjaar waarover het recht op de financiële tegemoetkoming wordt beoordeeld en,
in het bezit is van een aanvullende zorgverzekering in het kalenderjaar waarover het recht op de financiële tegemoetkoming wordt beoordeeld en,
uiterlijk in het betreffende kalenderjaar hiervoor een verzoek heeft ingediend.
De vaststelling van het verzoek op de in lid 1 beschreven tegemoetkoming vindt plaats:
op basis van de gemeentelijke administratie voor zover het lid 2 sub a. en c. betreft.
op opgave van de cliënt voor zover het lid 2 sub b. betreft.
Het college kan de in lid 3 sub b. genoemde opgave van de cliënt middels een steekproef controleren. Controle vindt in voorkomende gevallen plaats aan de hand van door de cliënt te overleggen relevante, originele en gedateerde bewijsmiddelen.
In verband met de in lid 4 van dit artikel genoemde controle dient de budgethouder gedurende een periode van 3 jaar bewijsstukken te bewaren.
Indien met de in lid 3 genoemde bewijsstukken niet of niet volledig aangetoond kan worden of bij gebleken misbruik kan het college de in lid 1 beschreven tegemoetkoming weigeren, intrekken en terugvorderen.
Hoofdstuk 9:
Artikel 24.
Tegemoetkoming meerkosten personen met een beperking of chronische psychische of psychosociale problemen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Maastricht 2020