Als een belanghebbende een verplichting als bedoeld in artikel 18, vierde lid, van de Participatiewet niet of onvoldoende nakomt, bedraagt de verlaging 100 procent van de bijstandsnorm gedurende:
één maand bij gedragingen als bedoeld in artikel 18, vierde lid, onderdeel b, g en h, van de Participatiewet;
twee maanden, bij gedragingen als bedoeld in artikel 18, vierde lid, onderdeel a, c, d, e en f, van de Participatiewet.
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.1.3
Artikel 50.
Duur verlaging bij schending geüniformeerde arbeidsverplichting
Onderdeel van Verordening sociaal domein gemeente Nissewaard