Het college respectievelijk de burgemeester kan instructies geven over de wijze waarop de gemandateerde bevoegdheden worden uitgeoefend.
Indien naar het oordeel van de mandaathouder bij de uitoefening van een bevoegdheid belangrijke bestuurlijke aspecten zijn betrokken, legt de mandaathouder de zaak vooraf voor aan de betreffende portefeuillehouder. Deze kan bepalen dat de zaak ter besluitvorming aan het college van burgemeester en wethouders moet worden voorgelegd.
Voor alle aanwijzingen geldt dat behalve de mandaathouder ook de hiërarchisch hoger geplaatste bevoegd is.
Artikel 4
Uitoefening mandaat
Onderdeel van Besluit mandaat, volmacht en machtiging ten aanzien van personeelsaangelegenheden gemeente Bergeijk 2020