Het college bepaalt in overleg met de aanvrager en met de netbeheerder de definitieve locatie van de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur en de aan te wijzen parkeerplaats(en). Het college toetst hierbij aan de volgende criteria:
de behoefte aan een oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur
zijn er al bestaande oplaadpalen en/of andere oplaadinfrastructuur aanwezig op of aan de weg binnen de genoemde straal van 100 meter;
bestaat er de mogelijkheid om een bestaande laadlocatie binnen 250 meter uit te breiden.
is de desbetreffende ondergrond in eigendom van de gemeente en is er de mogelijkheid tot het maken van een netaansluiting;
is de locatie van de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur voldoende vindbaar en zichtbaar;
is het aannemelijk dat de locatie door meerdere gebruikers gedeeld kan worden;
kan de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur worden voorzien van twee of meer aansluitpunten en kunnen – eventueel op termijn – twee of meer parkeerplaatsen worden bediend;
laat de parkeerdruk de reservering van de parkeerplaats voor uitsluitend opladen toe (85% overdag, 90% 's nachts);
betreft het een bestaand parkeervak / bestaande parkeervakken;
blijft de doorgang voor ander verkeer (auto, fiets, voetganger, rolstoel etc.) gewaarborgd;
zijn er geen belemmeringen ten aanzien van ander straatmeubilair of (openbaar) groen;
past de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur in het straatbeeld;
is er sprake van geplande reconstructies of andere infrastructurele ontwikkelingen.
Artikel 5