Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Reis- en verblijfkosten raads- en steunfractieleden voor reizen buiten de gemeente

Onderdeel van Verordening rechtspositie Raads- en steunfractieleden 2019

1.. Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur als bedoeld in artikel 97 Gemeentewet worden aan een raads- of steunfractielid vergoed: de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; bij gebruik van een eigen auto het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt. 2.. Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente, ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur, worden aan een raads- of steunfractielid bij gebruik van eigen auto tevens de parkeer-, veer- en tolkosten vergoed; 3.. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. 4.. Als een raads- of steunfractielid een (tijdelijke) functionele beperking heeft, kan voor reizen als bedoeld in het eerste lid, een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking gesteld. 5.. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raads- of steunfractielid maakt in verband met reizen buiten het grondgebied ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur worden ten laste van de gemeente vergoed. 6.. De in verband met een dienstreis noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke kosten voor maaltijden en logies worden vergoed op basis van de Reisregeling binnenland en de Reisregeling buitenland. 7.. De reis- en verblijfkosten worden alleen vergoed als deze gedeclareerd worden overeenkomstig de bepalingen in deze verordening.

Rechtspraak bij dit artikel