Naar hoofdinhoud

Artikel 21

De voorzitter

Onderdeel van GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PARTICIPATIEBEDRIJF Wsw

1. De voorzitter van het openbaar lichaam wordt in de eerste vergadering van elke zittingsperiode door het algemeen bestuur uit zijn midden aangewezen. 2. De voorzitter leidt de vergaderingen van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur. 3. Het algemeen bestuur kan de voorzitter ontslag verlenen, indien deze het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezit. 4. De voorzitter ontvangt alle aan het algemeen bestuur of dagelijks bestuur gerichte stukken en brengt die zo spoedig mogelijk ter tafel in de vergadering waar zij behoren. 5. Indien gewenst worden de agenda met de bijbehorende stukken voor de vergadering van het algemeen bestuur door of vanwege de voorzitter ter kennisneming toegezonden aan de gemeentebesturen. De voorzitter is in spoedeisende gevallen bevoegd een voorlopig onderzoek van stukken te doen plaatshebben en geeft daarvan kennis in de eerstvolgende vergadering van het dagelijks bestuur. 6. De voorzitter vertegenwoordigt het openbaar lichaam in en buiten rechte. 7. Bij afwezigheid van de voorzitter wordt deze vervangen op een door het algemeen bestuur te bepalen wijze.

Rechtspraak bij dit artikel