**1..** De hoogte van een pgb:
is gebaseerd op een in overleg en samenwerking met de cliënt opgesteld budgetplan over waarvoor of hoe het pgb wordt besteed;
is toereikend om veilige, effectieve en kwalitatief goede diensten, woonvoorzieningen, hulpmiddelen of andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren in te kopen;
bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie adequate goedkoopste beschikbare maatwerkvoorziening in natura.
**2..** Het pgb wordt uitsluitend aangewend voor kosten die noodzakelijk zijn in verband met de hulpvraag van de cliënt. De volgende kosten zijn in ieder geval uitgesloten:
kosten voor belangenbehartiging of bemiddelingskosten;
administratiekosten;
kosten voor ondersteuning bij het aanvragen en beheren van het pgb;
contributies voor het lidmaatschap van Per Saldo;
het volgen van cursussen over het pgb;
kosten voor het bestellen van informatiemateriaal;
reiskosten van de cliënt en/of de zorgverlener;
kosten gerelateerd aan wonen, zoals huurbetalingen, gas, water en elektra inventariskosten, servicekosten en gemeentelijke heffingen;
volgen van lessen voor het gebruik van een hulpmiddel of vervoersvoorziening.
**3..** In afwijking van het tweede lid kan de cliënt die een pgb ontvangt voor ambulante ondersteuning of beschermd wonen dat meer bedraagt dan € 1.500,00 per jaar 1,5% van dit budget vrij besteden, met een maximum van € 1.250,00 per jaar.
**4..** De aan een pgb verbonden taken kunnen door een vertegenwoordiger van de cliënt worden uitgevoerd, mits deze vertegenwoordiger niet ook de zorgverlener is. Met uitzondering van situaties waarin familieleden in de eerste of tweede graad (een deel van) de zorg verlenen en het college dit passend vindt.
Hoofdstuk 4:
Artikel 21