Naar hoofdinhoud
In onderstaande gevallen worden bevoegdheden niet gemandateerd en zijn derhalve voorbehouden aan het bestuursorgaan, indien: a. er sprake is van het vaststellen van algemeen verbindende voorschriften, het stellen van nadere regels, het vaststellen van beleidsregels en het aanwijzen van gebieden; b. het besluit zou leiden tot afwijkingen van en/of strijdigheid met ingezet beleid, richtlijnen of voorschriften; c. indien vereist, er een extern positief advies aanwezig dient te zijn; d. er geen overeenstemming is tussen de bij het besluit of handeling betrokken afdelingen; e. het een beslissing op een bezwaarschrift betreft; f. het te nemen besluit de gemandateerde zelf betreft.

Rechtspraak bij dit artikel