Naar hoofdinhoud
1.. Vergunningen en ontheffingen verleend op grond van bepalingen van de ingetrokken verordening blijven - indien en voor zover het gebod of het verbod waarop de vergunning of ontheffing betrekking heeft, ook vervat is in deze verordening – van kracht totdat deze zijn vervallen of ingetrokken. 2.. Voorschriften en beperkingen opgelegd op grond van bepalingen van de ingetrokken verordening blijven - indien en voor zover de bepalingen ingevolge die voorschriften en beperkingen zijn opgelegd, ook zijn vervat in deze verordening – van kracht totdat deze zijn vervallen of ingetrokken. 3.. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om een vergunning of ontheffing op grond van de ingetrokken verordening is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog niet op die aanvraag is beslist, wordt daarop de overeenkomstige bepaling van de onderhavige verordening toegepast. 4.. Vergunningen en ontheffingen bedoeld in het eerste lid, en voorschriften en beperkingen bedoeld in het tweede lid, worden geacht vergunningen, ontheffingen, voorschriften en beperkingen in de zin van deze verordening te zijn. 5.. Op een aanhangig beroep of bezwaarschrift, betreffende een vergunning of ontheffing bedoeld in het eerste lid, dan wel voorschrift of beperking bedoeld in het tweede lid dat voor of na het tijdstip bedoeld in artikel 23, eerste lid, is ingekomen binnen de geldende beroepstermijn, wordt beslist met toepassing van de verordening bedoeld in artikel 23, tweede lid. 6.. In afwijking op het eerste lid, blijft een vergunning of ontheffing van kracht, totdat onherroepelijk is beslist op een aanvraag voor een, krachtens een in deze verordening overeenkomstig opgenomen gebod of verbod vereiste vergunning of ontheffing, indien deze aanvraag ten minste acht weken voor afloop van de in het eerste lid genoemde termijn bij het bevoegde bestuursorgaan is ingediend. 7.. Gebod- of verbodsbepalingen waarvoor een ontheffing is vereist krachtens deze verordening en niet voorkomend in de verordening als bedoeld in artikel 23, tweede lid, zijn niet van toepassing: gedurende drie maanden na het in werking treden van deze verordening; ook na de onder a. bepaalde termijn, voor zover degene die de ontheffing nodig heeft, binnen deze termijn een aanvraag heeft ingediend, totdat onherroepelijk op deze aanvraag is beslist.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel